Voor organisaties die onder de Wwft vallen, is het vaststellen en verifiëren van de UBO onderdeel van het cliëntenonderzoek wanneer de cliënt een juridische entiteit is. Maar de UBO-norm speelt breder: ook als de cliënt een natuurlijk persoon is over wie een ander feitelijke zeggenschap heeft, of voor wiens rekening een transactie wordt verricht, of wanneer de cliënt optreedt als trustee. Voordat een zakelijke relatie wordt aangegaan, moet duidelijk zijn met wie je zaken doet en wie uiteindelijk belanghebbende is. Bij een incidentele transactie vanaf 15.000 euro geldt eveneens een cliëntenonderzoekplicht.
Een UBO-onderzoek staat daarmee niet los van de overige Wwft-verplichtingen. Het maakt onderdeel uit van het bredere cliëntenonderzoek, waarbij onder andere de identiteit van de cliënt en het doel en de aard van de zakelijke relatie worden vastgesteld.
Er geldt één belangrijke uitzondering. Voor beursgenoteerde vennootschappen waarop openbaarmakingsvereisten van toepassing zijn en voor hun honderd procent dochtervennootschappen, hoeft geen UBO te worden vastgesteld.